Home About us Products Services Contact us Bookmark
:: wikimiki.org ::
Riga

Riga

Riga (Lets: Rīga) is de hoofdstad van Letland en met circa 760.000 inwoners de grootste stad in de Baltische landen. De stad ligt aan weerszijden van de Daugava, dicht bij de monding in de Oostzee (Golf van Riga). Het is het politieke, economische en culturele centrum van Letland. Riga werd in 1201 door bisschop Albertus van Bremen gesticht. Het was lange tijd een invloedrijk lid van de Hanze, wat in de oude binnenstad (die op de UNESCO-Werelderfgoedlijst staat) nog goed zichtbaar is. Het voormalige "Kleine Parijs van het Noorden" herbergt ook een rijke schat aan jugendstilgebouwen. Sinds 1621 ontwikkelde Riga zich als Zweedse gouvernementshoofdstad, later als bestuurlijk centrum van Estland, Lijfland en Koerland. In het midden van de 19e eeuw telde de stad al 60.000 inwoners en was daarmee een van de grotere steden in Rusland. De stad kent sinds eeuwen een multinationale bevolking met behalve Letten ook Russen, Polen, Duitsers, Joden en Litouwers.

Beroemde inwoners van Riga

Rusland
- Sergej Eisenstein (1898 - 1948), cineast
- Gidon Kremer (1947), violist
- Wilhelm Ostwald, scheikundige
- Michail Tal (1936 - 1992), schaker, de "Tovenaar van Riga"
- Isaiah Berlin (1909 - 1997), Politiek filosoof, geboren in Riga

Externe links


- [http://www.riga.lv Website Riga]
- [http://riga.startkabel.nl Riga Startkabel] Categorie:Hanzestad Categorie:Hoofdstad Categorie:Stad in Letland Categorie:Werelderfgoed ja:リガ ko:리가 simple:Riga th:ริกา

Lets

Het Lets is een Indo-Europese taal, behorend tot de Baltische taalgroep binnen die grote familie. Het is de officiële taal van Letland. Het Lets is nauw verwant met het Litouws, maar is in verschillende opzichten verder geëvolueerd. Onder invloed van naburige Finoegrische talen ligt in het Lets de klemtoon steeds op de eerste lettergreep. De dualis (tweevoud) is in het Lets verloren gegaan, evenals het onzijdige grammaticale geslacht (de taal maakt wel onderscheid tussen mannelijke en vrouwelijke woorden). Behouden is het onderscheid tussen bepaalde en onbepaalde vormen van het bijvoeglijk naamwoord. Het Lets, dat geen lidwoorden heeft, maakt derhalve door middel van verschillende vormen van het woord voor 'groot' onderscheid tussen 'een grote stad' en 'de grote stad'. De oudste Letse tekst is een katholieke catechismus en dateert uit 1585. Een jaar later werd deze door een lutherse catechismus gevolgd. Opvallende elementen in het Letse schrift zijn liggende streepjes boven de klinkers, die lengte aangeven. Categorie:Natuurlijke taal Categorie:Oost-Baltische taal Categorie:Letland ja:ラトビア語

Letland

Letland is een republiek in Noordoost-Europa, een van de Baltische landen aan de Oostzee. Het land wordt verder begrensd door Estland in het noorden, Litouwen en Wit-Rusland in het zuiden en Rusland in het oosten. Het land is geografisch en ook qua oppervlakte en inwonertal het middelste van de Baltische landen, en het verenigt elementen van beide buurlanden in zich: het deelt zijn Baltische taal, het Lets, met Litouwen, waar het verwante Litouws wordt gesproken, en het deelt zijn overwegend lutherse geloof met Estland. De geschiedenis van Letland vertoont grote overeenkomsten met die van Estland, en veel minder met die van Litouwen. Letland herkreeg na een langdurige sovjetbezetting in 1991 de onafhankelijkheid die het land voor het eerst in 1918 had verworven. Een erfenis van de sovjettijd is het grote aantal Russischtalige inwoners. De hoofdstad van Letland is Riga en de grootste rivier de Daugava of Westelijke Dwina, respectievelijk de grootste stad en de grootste rivier van het Baltische gebied. Letland is te verdelen in vier historische landschappen: Koerland (Kurzeme), Lijfland (Vidzeme), Semgallen (Zemgale) en Letgallen (Latgale). Letland is sinds 1 mei 2004 een van de lidstaten van de Europese Unie.

Politiek


- parlement: saeima, één kamer: 100 leden, termijn van drie jaar. President wordt elke 4 jaar gekozen door het parlement.
- bestuurlijke indeling: 26 regionale districten (rajons), 63 steden (pilseta), 26 samengevoegde gemeenten (novads), 444 landelijke gemeenten (pagasts). In totaal 556 lokale overheden.

Geografie


- lengte landgrenzen: 1078 km (267 km met Estland, 217 km met Rusland, 141 km met Wit-Rusland en 453 km met Litouwen)
- kustlijn: 531 km
- grootste rivieren: Daugava en Gauja.
- grootste meer: Reznas ezers, 57,6 km²
- hoogste punt: Gaizinkalns bij Madona, 312 m.

Zie ook


- Monumenten op de Werelderfgoedlijst
- Lijst van staatshoofden van Letland
- Karlis Ulmanis
- Geschiedenis van Letland Categorie:NAVO Categorie:Land Categorie:Letland Categorie:Europese Unie fiu-vro:Läti ja:ラトビア ko:라트비아 ms:Latvia roa-rup:Letonia simple:Latvia th:ประเทศลัตเวีย zh-min-nan:Latvia

Baltische landen

right De Baltische landen (of: Baltische staten) omvatten de landen aan de oostkust van de Oostzee (of: Baltische Zee). Het zijn van noord naar zuid en in oplopende grootte Estland, Letland en Litouwen. Sommigen rekenen ook het Russische oblast Kaliningrad tot het Baltische gebied. De Baltische landen hebben naast hun ligging en hun vergelijkbare grootte gemeen dat ze zich alle drie aan het eind van de Eerste Wereldoorlog losmaakten van de Sovjet-Unie, die toen net ontstaan was, na de Tweede Wereldoorlog door de Sovjets bezet werden en in 1991 opnieuw onafhankelijk werden. Er zijn echter ook veel verschillen. Litouwen is overwegend rooms-katholiek en was ooit de kern van een groot rijk. Het had een grote Poolse inbreng. Estland en Letland zijn protestants en hadden eeuwenlang te maken met een Duitse elite. Wel zijn dit twee vormen van westers christendom, in tegenstelling tot bijvoorbeeld de Russisch Orthodoxe Kerk. Hierdoor horen de Baltische staten cultureel gezien bij het Westen. Taalkundig staan de Letten en de Litouwers dicht bij elkaar, zij spreken Baltische talen. De Esten spreken echter, evenals de Finnen, een Finoegrische taal. Categorie:Europa Categorie:GOS ja:バルト三国 ko:발트 3국 simple:Baltic States zh-min-nan:Pe̍h-kok

Oostzee

Categorie:Zee Categorie:Binnenzee  
Categorie:Binnenzee De Oostzee of Baltische Zee is de zee ruwweg liggende tussen Zweden en de Baltische staten. De Oostzee is brakker dan de Noordzee en heeft een geringer getijverschil. De zee bestaat pas sinds het 6e millennium v. Chr. Met de wijzers van de klok meegaand, grenzen aan deze 'binnenzee':
- Zweden
- Finland
- Rusland (Sint-Petersburg en omgeving)
- Estland
- Letland
- Litouwen
- opnieuw Rusland (oblast Kaliningrad)
- Polen
- Duitsland
- Denemarken Tot de Oostzee in ruime zin behoren ook de Botnische Golf, de Finse Golf, de Golf van Riga en kleinere baaien ('bochten') en haffen langs de kust van Duitsland, Polen, Rusland en Litouwen. Estland, Letland, Litouwen en Polen wateren voor 100% af op de Oostzee, de andere landen gedeeltelijk. Ook Tsjechië, Slowakije, Oekraïne en Wit-Rusland lozen deels hun oppervlaktewater in de Oostzee. De belangrijkste rivieren die op de Oostzee afwateren zijn de Weichsel in Polen, de Oder nabij de Pools-Duitse grens, de Daugava (of Westelijke Dwina) in Letland en de Neva in Rusland.
Grote havenplaatsen direct of indirect aan de Oostzee zijn:
- Stockholm (Zweden)
- Turku (Finland)
- Helsinki (Finland, aan de Finse Golf)
- Sint-Petersburg
- Tallinn (Estland, eveneens aan de Finse Golf)
- Riga (Letland, bij de Golf van Riga)
- Kaliningrad
- Gdansk
- Gdynia (Polen)
- Szczecin (Polen)
- Rostock (Duitsland)
- Kiel (Duitsland) De grootste eilanden in de Oostzee zijn:
- Gotland
- Öland
- Saaremaa
- Hiiumaa
- Rügen
- Bornholm De vorm van de Oostzee doet wel wat denken aan een hoofdrivier met zijrivieren (Finse Golf en Botnische Golf). Uit geologisch onderzoek is inderdaad gebleken dat in het Pleistoceen hier een rivier moet hebben gelegen: de Eridanos ja:バルト海 ko:발트 해 simple:Baltic Sea th:ทะเลบอลติก

Golf van Riga

Categorie:Zee De Golf van Riga (Lets: Rigas Juras licis, Estisch: Liivi laht) is het gedeelte van de Oostzee tussen de kust van Letland, de zuidwestkust van Estland en het Estische eiland Saaremaa. In dit water mondt de rivier de Daugava uit: bij deze monding ligt de naamgever van de golf: de Letse hoofdstad Riga. De Estische stad Pärnu is de andere grotere stad aan de Golf van Riga. In de Golf van Riga liggen drie kleine bewoonde eilanden, die alle tot Estland behoren: Ruhnu, Kihnu en Abruka. De Straat van Irbe vormt de breedste verbinding met de rest van de Oostzee. ja:リガ湾

Bremen

De naam Bremen kan betekenen:
- de stad Bremen
- de deelstaat Bremen (Vrije Hanzestad Bremen)
- het schip Bremen van de Norddeutscher Lloyd

United Nations Educational, Scientific and Cultural Organization

United Nations Educational, Scientific and Cultural Organization (UNESCO) is een organisatie van de Verenigde Naties met als doel het waarborgen van vrede en veiligheid door de samenwerking tussen de verschillende lidstaten op het vlak van onderwijs, wetenschap, cultuur en communicatie. UNESCO is opgericht op 16 november 1945; het hoofdkantoor staat in Parijs. De UNESCO stelt onder andere een lijst van het Werelderfgoed (World Heritage) en een register met belangrijke documenten betreffende de Wereldgeschiedenis (Memory of the World) op. Koïchiro Matsuura uit Japan is sinds 15 November 1999 Directeur Generaal van UNESCO. UNESCO werkt met een middellange termijnstrategie, die zes jaar omspant, en met een tweejarenprogramma. De huidige middellange termijnstrategie loopt van 2002-2007 en is vastgesteld tijdens de 31ste Algemene Conferentie, in najaar 2001. Het huidige tweejarenprogramma omvat 2004 en 2005, en dateert van de 32ste Algemene Conferentie, in najaar 2003. De drie hoofddoelen die UNESCO zich stelt in de middellange termijnstrategie (2002-2007) zijn: Het ontwikkelen en bevorderen van universele principes en normen, gebaseerd op gemeenschappelijke waarden, teneinde vraagstukken die zich voordoen op het gebied van onderwijs, wetenschap, cultuur en communicatie het hoofd te bieden en om het algemene publieke goed te beschermen en te versterken; Het bevorderen van pluralisme door middel van erkenning en behoud van verscheidenheid onder inachtneming van de rechten van de mens; Het bevorderen van uitrusting voor en deelname aan de opkomende kennissamenleving door gelijke toegangsmogelijkheden, capaciteitsopbouw en het delen van kennis. Alle programma's en overige activiteiten van UNESCO dienen bij te dragen aan (a) de uitroeiing van armoede, met name extreme armoede, en (b) de bijdrage van ICT aan de ontwikkeling van onderwijs, wetenschap en cultuur en aan de uitbouw van de kennismaatschappij, met name in ontwikkelingslanden. In het tweejarenprogramma voor 2004 en 2005 is binnen elk van de traditionele sectoren van UNESCO een prioritair gebied aangewezen. Binnen onderwijs is dat basisonderwijs voor iedereen en het creëren van kennissamenlevingen, bij cultuur aandacht voor culturele diversiteit in nationaal en internationaal beleid en bescherming van cultureel en natuurlijk erfgoed en in de sector communicatie en informatie universele toegang tot informatie en vrijheid van meningsuiting. Milieu en duurzame ontwikkeling en capaciteitsopbouw in wetenschap en technologie zijn voorrangsgebieden voor de natuurwetenschappen, terwijl bij de sociale wetenschappen de ethiek van wetenschap en technologie, mensenrechten en filosofie centraal zijn komen te staan.

Externe links


- [http://www.unesco.org UNESCO] categorie:Verenigde Naties ja:国際連合教育科学文化機関 ko:유네스코 simple:United Nations Educational, Scientific and Cultural Organization th:องค์การศึกษา วิทยาศาสตร์ และวัฒนธรรมแห่งสหประชาชาติ zh-min-nan:Unesco

Jugendstil

De Jugendstil of Art nouveau is een kunststroming die tussen 1880 en 1914 op verschillende plaatsen in Europa opkwam, voornamelijk als reactie op het vormvervagende impressionisme. De beweging staat ook onder verschillende andere namen bekend: de Franse art nouveau van Alphonse Mucha, de Oostenrijkse Sezession van Gustav Klimt, of de Engelse modern style van Aubrey Beardsley. Een gemeenschappelijk kenmerk van deze Jugendstil-stromingen is het gebruik van golvende ornamentele lijnen, vaak in de gedaante van gestileerde planten. In januari 1896 gaf Georg Hirth in München het satirische weekblad Die Jugend uit. De randillustratie werd verzorgd door Otto Eckmann, Bernhard Pankok en Bruno Paul. Al in het eerste editoriaal brak Hirth een lans voor de kunstvernieuwing. De term Jugendstil verscheen in een tekst van de revue Insel van Rudolf Schröder, in hetzelfde jaar. In de volksmond werd Jugendstil ook spaghettistijl of style nouille genoemd, vanwege de typische golvende lijnen. De stroming kreeg ook de benamingen slaoliestijl (naar aanleiding van reclame voor slaolie in Jugenstil), style Horta (naar de Belgische architect) en style métro toegemeten. In 1894 al maakte de style Mucha ophef, naar aanleiding van de expositie van zijn arabeske Sarah Bernhardt-affiches, in Parijs. In datzelfde 1896 opende Siegfried Bing zijn Parijse galerij L'Art Nouveau, in de Rue de Provence. Hij werd de grote Franse stimulator van de vernieuwende kunst. De stroming is naar zijn galerie genoemd. In 1897 werd Gustav Klimt de eerste voorzitter van de pas te Wenen gestichte Sezession. Ondanks de opvallende regionale verschillen zijn er een aantal kenmerken die deze stromingen verenigen: een optimistisch wereldbeeld en geloof in de toekomst, een voorliefde voor het gebruik van nieuwe, moderne technieken (in de architectuur bijvoorbeeld grote glasoppervlakken), een afkeer van symmetrie en een voorkeur voor ornamentiek, waarbij bloem- en vogelmotieven domineren. De stroming kende een korte maar hevige bloeitijd. In West-Europa was de stijl ruim voor 1910 al verleden tijd, in het oosten kon ze wat langer overleven. De Jugendstil manifesteerde zich vooral in gebruiksvoorwerpen (glaskunst, plateel, sieraden, meubels etc.), de architectuur en de schilderkunst.

Architectuur

schilderkunst Bij het architectuurerfgoed van de Jugendstil valt op dat de stijl bijzonder in trek was bij degenen die in deze economisch voorspoedige periode geld te besteden hadden: Jugendstilgebouwen zijn meestal hotels, warenhuizen en andere winkelpanden, kantoren van verzekeringsmaatschappijen en villa's van industriëlen. De stijl heeft, overal waar men haar toepaste, regionale elementen in zich opgenomen en kon uitstekend overweg met wat plaatselijk in de mode was. Op verschillende plaatsen werden oosterse elementen geïntroduceerd (met name in Hongarije, maar ook in Nederland). In Finland strookten de doelstellingen met die van de nationaal-romantische beweging. In Duitsland nam de stijl folkloristische motieven op. Voornaamste verschil tussen de Frans-Belgische art nouveau en de Duits-Oostenrijkse Jugendstil in enge zin zijn de vloeiender, ijlere lijnen van de art nouveau tegenover de strengere, hoekiger Jugendstil. Jugendstil is in vrijwel alle Europese metropolen en (vooral ook) provinciesteden te vinden (en ook in de Nieuwe Wereld, bijvoorbeeld in Chicago). Een selectie (gegroepeerd naar de toenmalige geografie):
- in Oostenrijk-Hongarije: bovenal Wenen (gebouwen van Otto Wagner, schilderkunst van Gustav Klimt), en Praag; verder Ljubljana en Lviv en in het Hongaarse deel Boedapest, Kecskemét, Oradea, Tirgu Mures en Subotica,
- in Duitsland: München, Darmstadt, Hagen, Leipzig en Weimar,
- in België: Brussel (Hotel Solvay en andere werken van Victor Horta, Old England),
- in Frankrijk: Nancy (glaskunst) en Parijs (o.a. Hector Guimard),
- in het Russische rijk: Riga, Helsinki en Łódź,
- in Spanje: Barcelona met het werk van Antoni Gaudí,
- in Noorwegen: Aalesund en Oslo,
- in Groot-Brittannië: Glasgow,
- in Nederland: Het American Hotel in Amsterdam. Het Witte Huis in Rotterdam. Verder relatief weinig, met name panden in Den Haag. Enige details van het station in Haarlem. Wenen, Praag, Brussel en Riga mogen de hoofdsteden van de Jugendstil worden genoemd.

Schilderkunst

Schilders die zich lieten inspireren door de Jugendstil waren:
- in Frankrijk: Henri de Toulouse-Lautrec, Alphons Mucha
- in Oostenrijk: Gustav Klimt
- in Nederland: Jan Toorop
- in België: Henry Van de Velde
- in Duitsland: Otto Eckman, Franz von Stuck

Tegelkunst

Franz von Stuck Veel Jugenstil kunst is in Nederland bewaard gebleven in de vorm van tegeltableau's, vaak in portieken naast woningen of winkels. Van Jugendstil en Art Nouveau naar Nieuwe Stijl Door de industriële revolutie hechtte men in Engeland rond 1850 erg veel waarde aan alles wat met mechanisatie te maken had. Het eerlijke en eenvoudige handwerk was uit. Een machinaal vervaardigd product had voor de mensen in die tijd veel meer waarde dan een product dat door ambachtslui was gemaakt. De industriële revolutie vierde hoogtij. Men verdiende veel in die tijd want de productie was goedkoper geworden. Mensen voelden zich rijk en wilden daarom ook dingen hebben die de echte rijken hadden. Daarom werden vroegere stijlen geïmiteerd en snel en slordig gemaakt om aan de vraag te voldoen. Alles werd een beetje té. Zo had ook de kalligrafie, dus de met de hand vervaardigde werken in schoonschrift (monniken), in die tijd afgedaan. Dat kwam in dit geval, door de opkomst van de drukpers. Maar er waren mensen die dit klakkeloos imiteren verwierpen en de met de hand gemaakte, traditionele producten wilden beschermen en zelf weer wilden gaan maken. Men vond dat men zelf moest kunnen waarnemen hoe een product tot stand was gekomen. Zo ontstond de Arts en Craftsbeweging. Die is dus ontstaan als reactie op het massaal vervaardigen en imiteren van vroegere stijlen met goedkopere materialen Wat is Jugendstil/Art Nouveau? Jugendstil of Art Nouveau is dus een naam die wordt gegeven aan de stijlvernieuwing in Europa tussen ca. 1890 en 1910. Het heeft als “zuivere stijl” maar een jaar of 20 bestaan. De term, die in de eerste plaats geldt voor de decoratieve kunsten maar zich vrijwel in alle kunstuitingen manifesteerde, heeft verschillende namen: Modern Style of Liberty Style (Engeland, naar de firma Liberty en Co. in Londen), Glasgowstijl (Schotland), Stile Liberty of Stile Floreale (Italië), Sezessionstil (Oostenrijk) en Nieuwe Stijl (Nederland). De meest bekende termen die voor de stijlperiode tussen 1890 en 1910 worden gebruikt zijn echter: Jugendstil of Art Nouveau. Art Nouveau blijft over het algemeen voorbehouden aan België en Frankrijk, terwijl Jugendstil wordt gekoppeld aan Oostenrijk en Duitsland. In de namen komen de woorden “nieuw” en “jeugd” voor en daarmee hoor je al de bedoeling van Art Nouveau en Jugendstil namelijk zich onderscheiden van de oude (neo)stijlen. Algemene kenmerken van Jugendstil Het Jugendstilornament, zoals dit voorkomt op meubels, sieraden, lampen, bedrukte stoffen enz. is samengesteld uit motieven die gewoonlijk asymmetrische composities vormen met een twee dimensionaal karakter. De belangrijkste inspiratiebron is de natuur. De motieven zijn vaak langstelige, gracieus gestileerde planten en bloemen (lelies, kelken, irissen, papavers, rozenknop), vogels (zwanen, pauwen), libelles, de eivorm, wolken- water- en rotspartijen, vaak gecombineerd met slanke vrouwengestalten. De bewogen lijnen waren een middel om emoties uit te drukken. (Het zielenleven werd belangrijk in die tijd.) We zien deze vormen ook bij de boekdrukkunst en bij de decoratieve vormen van bijv. trapleuningen, balkons en gevels. IJzer was nl. zeer geschikt om verwerkt te worden tot sierlijke gebogen vormen. Dat het in zoveel kunstvormen werd toegepast, kwam omdat het heel gebruikelijk was dat een architect ook meubels, zilver, glaswerken, wandversieringen en affiches ontwierp. De Jugendstilkenmerken kwamen het meest tot uiting in de grafische kunst want in dit vakgebied is de lijn het belangrijkste element. De illustraties en de letters werden als één geheel ontworpen. Er ontstond een combinatie van beeld en tekst en dit is nu nog een bron van inspiratie voor kalligrafen. Jugendstilproducten hebben ook vaak Japanse kenmerken zoals lege ruimten en de waaiervorm. Dat kunstenaars met de Japanse kunst in aanraking kwamen kwam o.a. door de kunsthandelaar Siegfried Bing. Hij was erg onder de indruk van de Japanse cultuur die vanaf 1854 op de Europese en Amerikaanse markt kwam. Bing specialiseerde zich in deze kunst en heeft veel Japanse kunst in zijn atelier tentoongesteld. (Zelfs Vincent van Gogh, die ook een klant van Bing was, maakte een paar Japanse olieverven.) De letters werden in de Jugendstilperiode zo min mogelijk geassocieerd met de drukkunst en de mechanische productie. In één tekst kon men meerdere letterhoogten aantreffen doordat enkele of meerdere letters vergroot of verkleind werden. Gewijzigde sociale en economische omstandigheden en de toepassing van nieuwe materialen zoals beton, brachten na de Eerste Wereldoorlog het einde van de Jugendstil. In het midden van de jaren zestig van de 20ste eeuw beleefde de Jugendstil, vooral in ontwerpen voor affiches en textiel, een nieuwe bloei. De lettervormen, vooral de initialen uit de Jugendstil- of Art Nouveauperiode, inspireren nog steeds veel kalligrafen. Hoe verliep de ontwikkeling van Arts and Crafts tot Art Nouveau? Als reactie op allerlei neo-stijlen (stijlimitatie, kitsch
- = slordige machinale uitvoering) ontstond in Engeland aan het eind van de 19e eeuw, de Arts and Crafts movement. Deze beweging, door John Ruskin en later vooral door William Morris gepropageerd, wilde een hervorming bewerkstelligen door de producten niet meer door machines te laten maken maar weer over te gaan op ambachtelijke vervaardiging. Het ideaal was: fraaie, degelijke objecten maken voor de gewone man. Het was niet direct een ontwerpstijl maar meer een ontwerpprincipe. De Arts en Craftsperiode heeft dus geen herkenbare stijlkenmerken. (Helaas was het te kostbaar voor de gewone man. Kunstzinnig was het geslaagd, sociaal faalde het.) Het ontstaan van vele vormen van de nieuwe kunst blijkt dan ook vaak door de Engelse Arts en Crafts te komen. De ideeën van de Arts en Craftsbeweging werden overgenomen in Amerika (Tiffany) en een groot deel van Europa, het eerst in België (o.a. Van Rysselberghe, Horta, Van der Velde), in Frankrijk (o.a. Mucha, Toulouse Lautrec), in Nederland (o.a. Toorop, Cuypers, Dijsselhof, De Roos), in Schotland (Mackintosh), in Duitsland (Eckmann), in Oostenrijk (Wagner), in Spanje (Gaudi) en in Italië, Hongarije en Scandinavië (Kopenhagen).
- We onderscheiden: neogotisch, neobarok, neorenaissance, neoromaans en neobyzantijns. Overigens is er later wel bewondering voor deze stijlen ontstaan. William Morris William Morris (1834-1896) stichtte in 1861 een atelier waar veel vormen van kunstnijverheid werden beoefend. Hij wordt, hoewel zijn stijl zich niet ontwikkelde de tot de bekende zweepslag, door zijn denkwijze gezien als de grondlegger van de Jugendstil/Art Nouveau. Volgens Morris was kalligrafie te beschouwen als ware kunst en zo propageerde hij het ook. Mensen die kalligrafeerden konden zich verder gaan ontplooien en zich kalligraaf noemen. Kalligrafie werd weer een gerespecteerde kunstvorm en kalligrafen werden weer als kunstenaars gezien. Morris en zijn leerlingen hielden zich bezig met het kalligraferen en illustreren van boeken, met het ontwerpen van glas-in-loodramen, met het ontwerpen van behangmotieven, met houtsnijkunst en met het ontwerpen en borduren van wandtapijten. De invloed van Morris was snel in andere landen van Europa, en zelfs in de Verenigde Staten van Amerika, merkbaar. Morris ging helemaal terug naar de oorspronkelijke manier van kalligraferen. Kalligrafische letters mochten volgens zijn beginselen, alleen maar geschreven worden met de ganzenveer of met het penseel. De drukletters die de kalligrafische lettervormen (zoals de Gotische letters) hadden vervangen, moesten van Morris verdwijnen. Hij stichtte ook de Kelmscott Press (1890) waar sierlijke vrouwengestalten en bogen van plantenstengels etc. bij boekillustraties veel gebruikt werden. Een andere bekende, jong gestorven, Engelse kunstenaar was Aubrey Beardsley (1872-1898). Hij maakte affiches in een persoonlijke Art Nouveaustijl. Hij gebruikte veel ononderbroken, asymmetrische slingerlijnen en eenvoudige zwart-wit vlakken. Hij liet zich, net als andere Jugendstil/Art Nouveau kunstenaars inspireren door het Oosten, de Middeleeuwen, het Keltisch vlechtwerk, de 18e eeuw en de ornamiek in de Renaissance. (Op het internet kan je nog veel van zijn affiches bekijken en zelfs kopen.) Hoewel er sprake was van een nieuwe stroming, waren er grote verschillen in de diverse landen. Franz von Stuck Art Nouveau en Siegfried Bing Op het Europese continent heerste alom bewondering voor de Arts en Crafts. Men begreep de uitdaging om een nieuwe kunstvorm te scheppen, gebaseerd op inventieve creativiteit en gedegen vakmanschap. Ook hier ging men voorbij aan het sociale element wat toch een belangrijk uitgangspunt was. Zodoende is Art Nouveau al vanaf het prille begin een luxe, kostbare kunst geweest en slechts betaalbaar door een handjevol liefhebbers. Ideeën en werk van de Arts and Crafts drongen op het continent het eerst door tot de Belgische kunstenaars in Brussel. Daar ondertekenden in 1883, 20 kunstenaars het manifest van de kunstenaarsgroep “Les Vingt” (De Twintig). De groep had tot doel de progressieve, artistieke krachten te bundelen en gezamenlijke salons te organiseren. De groep was hoofdzakelijk Belgisch, maar had nauwe contacten met de Parijse, Nederlandse en Engelse moderne kunstwereld. De Vingt-leden waren enthousiast over de geschriften van o.a. William Morris en Walter Crane. Crane gebruikte golvende lijnen die we in de omslag van de catalogi van De Vingt terugvinden. Hierop zien we ook dat er gebruik wordt gemaakt van het lege vlak, een belangrijk kenmerk dat men van de Japanse kunst heeft overgenomen. Siegfried Bing (1838-1905) was van Duitse oorsprong en opgegroeid met de handel in porselein en luxe goederen. Hij verdiende eerst de kost met de productie van nieuw ontworpen serviezen. Al gauw specialiseerde hij zich in de Japanse kunst. Maar de markt voor de Japanse kunst raakte in de jaren tachtig en negentig geleidelijk overvoerd. Bing zocht en vond nieuwe uitdagingen in onder meer de Verenigde Staten. Daar kwam hij in contact met Tiffany. Hij gaf opdrachten om o.a. glas-in-loodramen te laten maken in de fabriek van Tiffany in New York. Tiffany was lid van een groep kunstenaars die een bijzondere schilderswijze toepaste. Ze schilderden de natuur zoals ze deze ervoeren in ongemengde kleuren. De kleurvlakken werden duidelijk door lijnen van elkaar gescheiden. Aan leden van dezelfde groep Nabis-kunstenaars vroeg hij voor zijn nieuwe galerie ontwerpen te maken voor meubilair, textiel, serviezen en boekbanden. Dat was heel ongebruikelijk voor een kunsthandelaar en zo kreeg hij de naam een promotor te zijn Die nieuwe galerie werd in 1895 geopend en heette: L’Art Nouveau. L’Art Nouveau was een progressieve salon waar jonge kunstenaars hun nieuwe kunst exposeerden. Zo kwam deze kunststroming aan zijn naam. Bing was dus een grote stimulator van de vernieuwde kunst. Er zijn verschillen tussen de Belgische en Frans Art Nouveau. In België werden de plantmotieven vaak gestileerd. Daar ontstond de nu zo bekende dynamische “zweepslag” van Victor Horta (1861-1947) en Henri van de Velde (1863-1957). Horta en Van der Velde zijn twee belangrijke Belgische kunstenaars. (In Brussel is er zelfs een Hortamuseum.) In Frankrijk werden de plantenstengels en bloemknoppen niet zo gestileerd overgenomen maar meer hoe ze er in het echt uitzagen. De ontwikkeling van affiches gaf de kunstenaar een geheel nieuw werkterrein. Door het ontwerpen van affiches, werkten verschillende takken van kunst samen. Daardoor ontstond er eenheid in de grafische- en schilderkunst, in combinatie met de typografie (letterkunst). Er zijn nu nog veel affiches in Art Nouveaustijl van Belgische en Franse kunstenaars bekend. Bijvoorbeeld die van Alfonse Mucha (geboren in Tsjecho-Slowakije en bekend geworden door zijn ontwerp voor Sarah Bernhardt) en van Henri de Toulouse Lautrec staan nog volop in de belangstelling. Mucha creëerde een geheel eigen stijl door op het Hebreeuws geïnspireerde letters te gebruiken. Zijn getekende vrouwenfiguren waren vaak spaarzaam gekleed. Hij produceerde enorm veel. Vorig jaar was er nog een tentoonstelling in Rotterdam over zijn werk. Nog een voorbeeld van de Franse Art Nouveau zijn de metro-ingangen van Hector Guimard (1867-1942) in Parijs, voor velen de bekendste voorbeelden van de Franse Art Nouveau. In Frankrijk bloeide de Art Nouveau vooral in Parijs en Nancy (l’école de Nancy). Deze laatste stad ontwikkelde zich mede dankzij de activiteiten van de glas- en meubel ontwerper Émile Gallé (1846-1904) rond 1900 tot een belangrijk centrum van vernieuwende architectuur en kunstnijverheid Jugendstil Al in 1896 had de nieuwe Jugendstil in Duitsland en Oostenrijk haar naam gekregen door het tijdschrift “Die Jugend”, een geïllustreerd weekblad “für Kunst & Leben” in München. Het lettertype had daar al de kenmerkende vormen van deze nieuwe stijl. Otto Eckman illustreerde de eerste jaargangen met karakteristieke vignetten en randversieringen. In 1899 werd het tijdschrift ” Die Woche” opgericht. Dat was de aanleiding voor Otto om zijn eigen alfabet te ontwikkelen voor de Rudhardsche Schriftgiesserei (Lettergieterij) in Offenbach, compleet met randversieringen en vignetten. Dit werd het klassieke schrift van de Jugendstil. Het diende als voorbeeld voor alle later getekende lettertypen. Duitse Jugendstilontwerpers gebruikten gestileerde, natuurlijke elementen. Ze zijn vaak zo gestileerd dat er geen duidelijk planten- of dierenmotief te herkennen is. De kenmerkende zweepslag komen we natuurlijk ook tegen. De beroemde Belgische architect Henry van de Velde, vestigde zich in Weimar. Daar versoberde zijn stijl en uiteindelijk werkte ook hij in deze gestileerde Jugendstil. Glasgowstijl Deze Schotse havenstad groeide in de 2de helft van de 19e eeuw uit tot een groot industriegebied. Zodoende kwam men ook in contact met culturen buiten Groot-Brittannië, zoals Japan. Zowel de Engelse als de Japanse invloed is terug te vinden in het werk van één van de belangrijkste ontwerpers van die tijd: Charles Rennie Mackintosh(1868-1928). Hij vormde samen met zijn vrouw en nog twee anderen “The Glasgow Four”. Kenmerkend voor hun werk is een elegante, verticale lijnvoering. Veel voorkomende motieven in zijn werk zijn de rozenknop en de eivorm. Eén van de belangrijkste werken van Macintosh is de Glasgow School of Arts (1896-1909). Na 1910 maakte hij geen werken meer van belang. In eigen land kreeg hij niet veel respons maar in Duitsland en Oostenrijk toonde men veel interesse. Der Sezessionstil De architect Otto Wagner (1841-1918) is hiervan de bekendste. De schilder Gustav Klimt (1862-1918) richtte de Sezessiongroep op, samen met Josef Hoffmann (1870-1956) en Joseph M. Olbrich (1867-1908). Het was een progressieve kunstenaarsvereniging. Joseph Olbrich ontwierp in 1897 het tentoonstellingsgebouw in Wenen en het affiche van de eerste tentoonstelling van het gezelschap. In Josef Hoffmans gestileerde bloemen is duidelijk de stijl van Macintosh te zien. Hij maakte strakke, elegante ontwerpen. Olbrich vertrok naar Duitsland en behoort óók tot de kunstenaars van de Duitse Jugendstil. In Duitsland had hij de leiding over de bouw van het kunstenaarsdorpje Darmstadt. Hij had de supervisie over de opzet en uitvoering van het atelier- en tentoonstellingsgebouw én de zeven huizen voor kunstenaarsbewoning. Hij ontwierp zelf zes huizen en het atelier- en tentoonstellingsgebouw. In de interieurs valt vooral het mozaïekachtige kleurgebruik op. De Wiener werkstätte In 1903 werden de Wiener werkstätte (Weense werkplaatsen) opgericht. Hierin werkten veel soorten kunstenaars samen. Er waren veel overeenkomsten met de gildengedachte van de Engelse Arts en Craftsbeweging. In veel ontwerpen van de Weense school is de decoratie kleurig. Peter Behrens Peter Behrens (1868-1940) ontwierp zijn eigen (het zevende) huis in Darmstadt en vestigde hiermee meteen zijn naam als ontwerper. In de kunstnijverheidsontwerpen van bijv. meubels, lampen en grafisch werk van Behrens, is duidelijk te zien waarin de Duitse Jugendstil zich onderscheidt van de Oostenrijkse en Schotse. De Duitse Jugendstil maakt gebruik van natuurlijke elementen en construeert daar de hoofdvorm mee. (De vrouw is gelijk de poot van een lamp, de schelpvormige waaier is tegelijk de kap van een lamp.) Constructie en decoratie zijn op deze wijze versmolten. Nieuwe Kunst Ook in Nederland kwamen er vernieuwingen in architectuur en toegepaste kunsten. Er werden verschillende, soms spottende, namen voor deze stijl verzonnen zoals: vermicelli-, slaolie-, Berlage- of Binnenhuisstijl of stijle nouille, vanwege de lijnen. Dat kwam omdat er zeer uiteenlopende uitgangspunten en verschijningsvormen te onderscheiden waren. Uit gemak werd de Nederlandse nieuwe stijl uiteindelijk maar bij de internationale Art Nouveau of Jugendstil ingedeeld. Dat belangrijke onderdelen van de Nederlandse stijl tóch een geheel eigen richting vertegenwoordigen, heeft in 1960 geleid tot het in gebruik raken van de benaming Nieuwe Kunst. Deze benaming geeft, net als Jugendstil en Art Nouveau, aan dat de stroming nieuw en jong was en zich wilde onderscheiden van voorgaande stijlperiodes. De meest geliefde vorm van versieren in de Nieuwe Kunst was een geometrische figuur, soms in de vorm van blokjes of een serie blokjes, soms sterk gestileerde planten of dieren. Dit zien we o.a. in het werk van Jac. van den Bosch. Cuypers en Berlage In Amsterdam bleef de invloed van de bouwmeester Pierre Cuypers (1827-1921) groot. De architect Hendrik Petrus Berlage (1856-1934), die ook in Amsterdam woonde, richtte in 1900 ”Het Binnenhuis” op, dat was een “Inrichting tot Meubileering en Versiering der Wooning” (Binnenhuisstijl). Het Binnenhuis gaf onderdak aan ontwerpers uit alle takken van de kunstnijverheid zoals de graficus Sjoerd H. de Roos (1877-1962), de meubel- en interieurontwerpers Jac. van den Bosch (1868-1948) en Chris Lebeau (1878-1945) Berlage had een eigen stijl, hij bracht bijv. in het ontwerp van zijn stoelen een duidelijke scheiding aan tussen de rechte zitting en leuning (Berlagestijl). Dat was heel anders dan de gebogen houten delen die in Den Haag ontworpen werden. Zijn belangrijkste gebouw in Amsterdam uit deze periode is de Beurs (1884-1903), waaraan ook andere kunstenaars als de schilders Jan Toorop (1858-1928) en Richard Roland Holst (1869-1938) meewerkten. Berlage heeft veel interieurs ontworpen. Hij had geconstateerd dat elke vernieuwing in een stijlperiode begon met een duidelijke reactie op de voorgaande. Daarbij zou eerst de grafische-, dan de toegepaste- en pas als laatste de bouwkunst aan de beurt zijn. Deze volgorde ging in de Nieuwe Kunst net zo. Vanaf ongeveer 1892 maakten jonge ontwerpers zich los van de invloed Cuypers, mede omdat hij vasthield aan zijn historiserende stijl. Dit zien we in het werk van bijvoorbeeld Gerrit Dijsselhof (1866-1924). Voor de Amsterdamse arts W. van Hoorn ontwierp hij tussen 1895 en 1903 een kamer met een houten betimmering en gebatikte wandbekleding. Deze kamer is bewaard gebleven en staat sinds 1935 als 'Dijsselhofkamer' opgesteld in het Gemeentemuseum te Den Haag. In zijn werk maakte Dijsselhof gebruik van gestileerde, van de natuur afgeleide motieven, die geen diepte suggereren. Hij ontwierp in 1893 vignetten en de band voor het boek 'Kunst en Samenleving', het door de criticus en illustrator Jan Veth (1864-1925) vertaalde werk 'The Claims of Decorative Art' van de Engelse Arts & Crafts ontwerper en illustrator Walter Crane (1845-1915). Dit werk had grote invloed op Nederlandse kunstenaars en is een goed voorbeeld van de Nederlandse Art Nouveau (of 'Nieuwe Kunst'). Toorop In Rotterdam, Delft en Den Haag kreeg de florale Belgische Art Nouveau met zijn golvende constructies een flinke aanhang. Een beroemd voorbeeld van Haagse Art Nouveau is het afficheontwerp van Jan Toorop voor de Delftsche slaoliefabriek (1894, 'slaoliestijl') . In het ontwerp van Toorop is alle diepte vermeden en hij heeft niet geprobeerd om er een schilderij van te maken. De vlakken naast de vrouwenfiguren zijn helemaal opgevuld met golvende lijnen. De mooiste voorbeelden van Haagse Art Nouveau zijn te vinden in de producten van de aardewerk- en porseleinfabriek Rozenburg. Hierop is een vrije interpretatie van de Oosterse invloed en de florale Frans/Belgische Art Nouveau te zien met de kenmerkende golvende Art Nouveau-belijningen. Gaudi Antoni Gaudi (1852-1926) is een Spaanse architect. Zijn belangrijkste bouwwerken staan in Barcelona. Deze zijn vaak grillig van vorm, prachtig versierd met mozaïeken van glas, gebroken tegels en origineel smeedwerk. Zijn werk wijkt erg af van dat van zijn tijdgenoten. Hij streefde er naar om architectuur een organisch onderdeel van de natuur te laten zijn. Door zijn bizarre fantasie leidde dat tot zeer ongebruikelijke bouwvormen. Ook zijn meubelen en andere kunstnijverheidsobjecten worden gekenmerkt door abstracte vormen en een vervreemding van het voorwerp. Zijn beroemdste werk is de kerk Sagrada Familia in Barcelona, begonnen in 1883 en onvoltooid gebleven. Dat was tevens zijn meest favoriete project. Doordat Gaudi vele vormen aan de natuur ontleende, wordt zijn stijl “biologisch” genoemd. Tiffany Louis Comfort Tiffany (1848-1933) staat bekend als de Amerikaanse Art Nouveaukunstenaar van gekleurd glas. Hij is de zoon van een beroemde juwelier in New York. Door zijn grote nieuwsgierigheid naar nieuwe dingen begon hij aan een aantal experimenten. Zijn bedoeling was om kunst te combineren met de behoefte van het dagelijkse leven. Iets wat in die tijd nogal ongewoon was. Kunst was nl. voor de rijken. Na bezoek aan een tentoonstelling in Philadelphia waar Arts en Craftsontwerpen te zien waren, raakte hij zo enthousiast dat hij interieurontwerper wilde worden. Tiffany begon te experimenteren met de vervaardiging van gekleurd glas, na terugkeer van een Europese reis. Hij was erg onder de indruk van de kathedraal van Chartres. Hij werd een enthousiaste aanhanger van de Europese Art Nouveau, die vrije bloemontwerpen gebruikte en op de natuur gebaseerd was. Tiffany gebruikte dat als landschapschilder nl. ook in zijn werk. Hij is de uitvinder van de tot op heden gebruikte methode om stukjes glas, in koperfolie te wikkelen en dan te solderen. In die tijd was het nl. gebruikelijk om glas in lood te zetten. Hij had drie specialiteiten: gebrandschilderd glas, favrile (gekleurd glas) en mozaïek. Tiffany stuurde zijn eerste werk naar de opening van de salon L’Art Nouveau van Siegfried Bing. Zo werd zijn werk tentoongesteld op de meest belangrijke ontmoetingsplaats voor nieuwe kunstenaars. Van Tiffany zijn vooral zijn: glas, schepen, lampen en ramen bekend. Hij maakte ook veel andere dingen zoals: juwelen, meubels, keramiek en kandelaars, kortom alles wat met het interieur te maken had, zelfs gordijnen en behang. Tiffany stuurde de eerste twee jaren alleen maar vazen naar de diverse tentoonstellingen. Zo creëerde hij de vraag. Omdat gebrandschilderde ramen erg duur waren, ging Tiffany over tot serieproductie. Dit is een belangrijk verschil tussen de opvatting over de Art Nouveau en zijn gedachte over die kunst. Maar zo werden zijn producten minder duur en waren ze voor een groter publiek betaalbaar. Vooral de Tiffany glas-in-loodlampen zijn erg bekend geworden. Aanvankelijk werden de lampen geblazen, later werden de lampen gemaakt van restjes glas die waren overgebleven bij de productie van gebrandschilderde ramen. Zijn werknemers, meest vrouwen, mochten zelf de kleuren bepalen. Zo had iedere lamp toch nog een individueel tintje. Deze lamp werd mede een groot succes doordat de gloeilamp net was uitgevonden (Edison). De bekendste lampen zijn: “Dragonfly” (Libelle) en “Wistaria” (blauwe regen). Het zijn typische Art Nouveau- thema’s uit de natuur. De lampen hadden van voet tot kap de natuurlijke vormen van planten. Ook hier verdween de aandacht voor deze producten na de Eerste Wereldoorlog. Bij de opleving van deze kunst, in de jaren zestig, ontstonden er zelfs winkels met alleen maar neotiffanyproducten. Categorie:Stijlperiode Categorie:Architectuur ja:アール・ヌーヴォー ko:아르누보

Estland

Estland is een land in Noordoost-Europa, dat in het westen wordt begrensd door de Oostzee, in het noorden door de Finse Golf, in het oosten door Rusland en in het zuiden door Letland. Het is de noordelijkste en de kleinste van de drie Baltische landen, en het onderscheidt zich van het middelste Baltische land Letland in de eerste plaats door de taal, die Finoegrisch is en niet Baltisch.

Geschiedenis

Estland is pas vanaf 1918 een zelfstandige staat. Het onafhankelijke Estland werd in 1940 door sovjettroepen bezet en na een korte Duitse bezetting in 1944 bij de Sovjet-Unie ingelijfd. Het bezette Estland herkreeg in 1991 zijn onafhankelijkheid. De jaren van toenemende vrijheid die aan deze gebeurtenis voorafgingen, gingen de geschiedenis in als de zingende revolutie. Voor 1918 behoorde Estland tot de grote mogendheden die het land omringen: het was afwisselend (ten dele) Deens, Zweeds, (ten dele) Pools en Russisch, terwijl de Duitse Orde er eeuwenlang een grote rol speelde. Duitsers bekleedden hoge functies in bestuur en ambtenarij, terwijl de Esten slechts arbeid verrichten. De emancipatie van de Esten en van de Estische taal kwamen pas vanaf 1800 van de grond. Estland is op 1 mei 2004 tot de Europese Unie toegetreden.

Geografie

Europese Unie
- landsgrenzen: 561 km
- kustlijn: 3794 km
- omtrek landgrenzen: 2217 km
- grootste rivieren: Emajõgi, Pärnu, Narva Estland is een overwegend vlak land, waarvan de noordkust echter op veel plaatsen steil uit zee oprijst, en dat in het zuidoosten overgaat in heuvelland. Hier ligt dan ook de hoogste berg van Estland, Suur Munamägi (Grote Eierberg, 318m), die net iets lager is dan de hoogste van Nederland. De oostgrens met Rusland wordt grotendeels gevormd door het Peipusmeer (3.555 km²) en het Meer van Pskov, en noordelijker door de rivier de Narva. Alleen in het zuiden heeft Estland geen natuurlijke grens. Westelijk en noordelijk van Estland liggen honderden eilanden, waarvan het overgrote deel onbewoond is, waarvan sommige door de Sovjet-Unie als militair terrein zijn gebruikt. De grootste eilanden zijn Saaremaa en het dichtbeboste Hiiumaa, beide met een herkenbaar eigen karakter.

Bevolking

De meerderheid van de inwoners van Estland heeft de Estische nationaliteit (68,4%) en spreekt de Estische taal. Er is echter, grotendeels ten gevolge van een vanuit Moskou gedirigeerde immigratie ten tijde van de Sovjet-Unie, een omvangrijke Russischtalige minderheid. Deze is geconcentreerd in de hoofdstad Tallinn, 397.000 inwoners, in de 2e stad van het land, Tartu (bevolking tot voor kort 114.000, nu iets meer dan 100.000), en in enkele industriesteden in Noordoost-Estland, waarvan Narva en Kohlta-Järve de belangrijkste zijn. 80% van de inwoners van Estland is Estisch staatsburger. Estland is het land met de meeste HIV-besmettingen buiten Afrika. Uit cijfers van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) blijkt dat 1 procent van de Estlanders tussen 15 en 49 jaar is besmet met het virus, dat aids kan veroorzaken. Zeker 4900 Estlanders zijn besmet geraakt, van wie bijna 500 in dit jaar. Vermoedelijk zijn lang niet alle dragers van het HIV-virus als zodanig geregistreerd. Estland telt 1,4 miljoen inwoners.

Bestuur

Estland is een parlementaire democratie, met een president die relatief veel bevoegdheden heeft. De huidige president is Arnold Rüütel, die in 2001 Lennart Meri, opvolgde. De president wordt door het parlement gekozen voor een termijn van vijf jaar. Het parlement (riigikogu) heeft één kamer en telt 101 zetels. Het wordt om de vier jaar gekozen. De huidige coalitieregering staat sinds april 2005 onder leiding van Andrus Ansip. Andrus Ansip Het land is opgedeeld in provincies (maakond, meervoud: maakonnad) en deze in landgemeenten (vald) of steden (linn) De 15 provincies van Estland zijn:
Harjumaa - Hiiumaa - Ida-Virumaa - Järvamaa - Jõgevamaa - Läänemaa - Lääne-Virumaa - Pärnumaa - Põlvamaa - Raplamaa - Saaremaa - Tartumaa - Valgamaa - Viljandimaa - Võrumaa

Economie

In de jaren 90 heeft Estland vergaande economische liberaliseringen doorgevoerd, zo is er in 1994 een vlaktaks ingevoerd. Estland stond in 2005 op de vierde plek op de ranglijst van economische vrijheid van de Heritage Foundation. In 2004 groeide het bruto binnenlands product met 6,2%. De regering wil op 1 januari 2007 de euro invoeren. Informatietechnologie is een zeer belangrijke sector van de Estse economie. Zo is bijvoorbeeld Skype ontwikkeld in Estland.

Zie ook


- Monumenten op de Werelderfgoedlijst
- Lijst van staatshoofden van Estland
- Konstantin Päts Categorie:NAVO Categorie:Europese Unie Categorie:Land fiu-vro:Eesti ja:エストニア ko:에스토니아 ms:Estonia roa-rup:Estonia simple:Estonia th:ประเทศเอสโตเนีย zh-min-nan:Eesti

Koerland

Koerland (Lets: Kurzeme) is een landstreek in het westen van Letland. Het gebied is vernoemd naar de Koeren, een Baltisch volk dat in de Letten is opgegaan. Het land is vruchtbaar, ligt laag en is moerassig met veel meren en beboste duinen waar naaldbomen, berken en eiken groeien. In 1870 woonden er 619.154 mensen, in 1897 674.437 (waarvan 345.756 vrouwen) en in 1906 naar schatting 714.200. 79% van de bevolking was Lets, 8,75% Duits, 1,7% Russisch, 1% Litouws, 8% joods en een heel klein deel Lijfs.

Geschiedenis

In de dertiende eeuw werden de Koeren overwonnen en bekeerd door de Duitse militaire orde der Christusridders. In 1237 kreeg de Duitse Orde het land in handen. Toen Moskovië een steeds groter gevaar begon te worden gaf de Orde in 1561 de soevereiniteit deels op en maakte Polen opperleenheer. De laatste meester van de Orde van Lijfland, Godhard Kettler, werd de eerste hertog van Koerland. Godhard stierf in 1587 en zijn zoons Frederik en Willem volgden hem op. In 1596 verdeelden ze het land. Frederik werd hertog van het oostelijke deel, Semgallen met als hoofdstad Mitau. Willem kreeg het westelijke deel, simpelweg Koerland genaamd, met als hoofdstad Goldingen. Willem had een zeer slechte relatie met de grootgrondbezitters in zijn gebied. De opperleenheer, koning Sigismund III van Polen, stond echter aan hun kant en in 1616 ontvluchtte Willem het land. Zijn broer Frederik werd hertog van beide delen. Onder de volgende hertog, Jacob (1642-1682), ging het Koerland zeer voorspoedig. De industrie bloeide en het land dreef handel met allerlei landen in West-Europa. In 1651 kreeg het hertogdom zelfs zijn eerste kolonie, het eiland St.-Andreas aan de monding van de Gambia-rivier. Vanuit dit Fort Jacob werden ivoor, goud, bont en specerijen verscheept. Het eiland Tobago werd in 1652 gekoloniseerd en van daaruit exporteerden de Koeren suiker, tabak, koffie en specerijen. In 1655 viel Zweden Koerland binnen en nam Jacob gevangen. Dit was het begin van de Zweeds-Poolse oorlog. In deze periode werden beide kolonies veroverd door de Nederlanders. Na het einde van de oorlog in 1660 kreeg Koerland Tobago weer in bezit. Jacob stierf in 1682 en werd opgevolgd door zijn zoon Frederik Casimir. Diens extravagante levensstijl kostte zoveel geld dat hij Tobago aan de Britten moest verkopen. Het hertogdom leed erg onder de Russisch-Zweedse aanvallen van 1700-1709 in de Grote Noordse Oorlog. Om hier een einde aan te maken beloofde de nieuwe hertog, Frederik Willem, aan tsaar Peter de Grote dat hij met een van diens nichten zou trouwen. In 1710 nam hij inderdaad een dochter van Peters broer Iwan V, Anna, tot vrouw. Na zijn dood in januari 1711 regeerde Anna over Koerland, tot zij in 1730 tsaar Peter opvolgde als Anna I van Rusland. Ze stond de troon van Koerland weer af aan een Kettler, Ferdinand. Ferdinand woonde echter in Danzig en volgens de wet moest de hertog in Koerland wonen. Ferdinand werd niet erkend en in feite was de periode 1730-1737 een hertogloos tijdperk. Met Ferdinands dood in 1737 waren de Kettlers in mannelijke lijn uitgestorven. Anna zette de Koerse adel onder druk om haar vriend Ernst Johan Biron als nieuwe hertog te kiezen, en zo geschiedde. Zij stierf in 1740 en Ernst Johan raakte uit de gratie. Hij werd verbannen maar bleef in feite via de Hertogelijke Raad de macht uitoefenen aangezien hij de steun van de koning van Polen had. De Koerse grootgrondbezitters weigerden echter zijn bevelen op te volgen en uiteindelijk gaf de koning, August III (tevens keurvorst Frederik August II van Saksen), het op en liet Ernst Johan vallen. Hij maakte zijn zoon, graaf Karel van Saksen, tot hertog van Koerland. De situatie werd nu nog meer gespannen, aangezien een deel van de Koeren Ernst Johan steunde en een deel Karel. Tsarina Catharina de Grote loste deze situatie in 1763 uiteindelijk op door Ernst Johans verbanning ongedaan te maken. Hij werd in 1769 opgevolgd door zijn zoon Peter. Rusland en zijn bondgenoten begonnen in 1795 met de derde Poolse deling en Peter gaf zijn recht op de troon op aan Rusland. Koerland zou tot de Eerste Wereldoorlog een deel van Rusland blijven. Daarna werd het deel van Letland. De familie Kettler is uitgestorven, maar de familie Biron bestaat nog onder de geslachtsnaam Biron von Curland. Het huidige hoofd van de familie is Ernst-Johann Karl Oskar Eitel Friedrich Peter Burchard, prins Biron von Curland, titulair hertog van Koerland (geboren 6 augustus 1940 te Berlijn).

Taal

De taal van Koerland was oorspronkelijk het Koers (een Baltische taal). Deze stierf echter in de zeventiende eeuw uit. In de tijd van de hertogen was de officiële taal Duits. Tegenwoordig spreken de inwoners van Koerland Lets.

Hertogen van Koerland

Kettler
- 1561-1587: Godhard
- 1587-1642: Frederik en Willem (tot 1616)
- 1642-1682: Jacob
- 1682-1698: Frederik Casimir
- 1698-1711: Frederik Willem Romanov
- 1711-1730: Anna Kettler
- 1730-1737: Ferdinand Biron
- 1737-1740: Ernst Johan Hertogelijke Raad
- 1740-1758: (geen) Saksen
- 1758-1763: Karel Biron
- 1763-1769: Ernst Johan (opnieuw)
- 1769-1795: Peter Categorie:Letland Categorie:Historisch land in Europa ja:クールラント ko:쿠를란트

19e eeuw

Decennia - Eeuwen - 18e eeuw - 19e eeuw - 20e eeuw

19e eeuw

---- Belangrijke gebeurtenissen in de 19e eeuw:
- De Bataafse Republiek
- Onafhankelijkheidsoorlogen in Latijns-Amerika
- De Belgische onafhankelijkheidsstrijd
- Het Europese revolutiejaar 1848
- De Amerikaanse burgeroorlog
- De Afschaffing van de slavernij
- De Evolutietheorie
- De Industriële revolutie, uitvindingen als de stoomlocomotief enz...
- Het tijdperk van de Romantiek in de kunst
- Ontdekkingsreizen
- Het Imperialisme waarbij de wereld werd verdeeld tussen de grote Europese mogendheden. Belangrijke personen van de 19e eeuw:
- Ludwig van Beethoven, componist
- Otto von Bismarck uitvinder van de Realpolitik en vereniger van de Duitse staten.
- Simon Bolivar, onafhankelijkheidsstrijder
- Napoleon Bonaparte, Frans staatsman en veroveraar
- Frédéric Chopin, componist
- Charles Darwin, grondlegger van de evolutietheorie
- Thomas Edison, uitvinder
- Vincent van Gogh, kunstschilder
- Benito Juárez, staatsman
- Abraham Lincoln, Amerikaanse president tijdens de Amerikaanse Burgeroorlog die tevens de slavernij afschafte
- David Livingstone, ontdekkingsreiziger en zendeling
- Karl Marx, economisch filosoof
- Friedrich Nietzsche, filosoof
- Johan Rudolf Thorbecke, Nederlands staatshervormer
- Richard Wagner, componist als:19. Jahrhundert ja:19世紀 ko:19세기 simple:19th century th:คริสต์ศตวรรษที่ 19 zh-min-nan:19 sè-kí

Sergej Eisenstein

Sergej Michajlovitsj Eisenstein (Russisch: Сергей Михайлович Эйзенштейн, Sergej Michajlovitsj Ejzensjtejn) (Riga 23 januari 1898Moskou 11 februari 1948) was een Russische filmregisseur, vooral bekend door zijn klassieke film Pantserkruiser Potjomkin over een belangrijke volksopstand in Odessa aan de vooravond van de Russische revolutie. Deze film is klassiek geworden vanwege onder andere de complexe montage in de trappenscène: Eisenstein hanteerde op een opmerkelijke wijze cameravoering, perspectief en montage om het gevoel van de revolutie en de onderdrukking over te brengen.

Biografie

Sergej Eisenstein werd in Riga (Letland) geboren als zoon van een Duitse vader en een Russische moeder. Hij volgde in Riga het gymnasium en in Petrograd studeerde hij bouwkunde en architectuur. Vanaf 1918 diende hij bij het rode leger. Na ervaring te hebben opgedaan als amateurtoneelspeler, sloot Eisenstein zich aan bij het Moskouse Proletkult-theater en werkte hij ook aan het theater van de befaamde regisseur Vsevolod Meierhold. Bij Koelesjov studeerde Eisenstein filmtheorie en -praktijk en meteen zijn eerste film, "Staking" (Statsjka) leverde hem in Parijs in 1925 een prijs op. Al in deze stomme film is zijn innovatieve stijl herkenbaar. Bijzonder verdienstelijk is manier waarop hij de montagetechniek ontwikkelde. Eisenstein gebruikte montage niet slechts om scènes met elkaar te verbinden, maar veeleer als middel om het publiek bij de film te betrekken en te beïnvloeden. Opvallend in "Staking" zijn verder het ontbreken van duidelijke hoofdpersonen, de vergelijkingen tussen mens en dier, de aandacht voor details en het bijzondere camerawerk dat bijzonder fascinerende beelden oplevert. Eisenstein was trouw aan de idealen van het socialisme, hetgeen hem echter herhaaldelijk in conflict bracht met een aantal autoriteiten van het regime van Jozef Stalin (en niet in de laatste plaats met Stalin zelf). Deze laatste was zich bewust van de propagandistische kracht van films en hij beschouwde Eisenstein als controversieel persoon. propagandistische "Pantserkruiser Potjomkin", in 1925 in opdracht van de staat geproduceerd, valt op door een perfecte opbouw, virtuose montage en een serie onvergetelijke beelden. Vooral de beschieting van demonstranten op de trappen van Odessa (de beroemde trapscène) blijft de toeschouwer in het geheugen gegrift. Deze film werd een internationaal succes, waardoor Eisenstein de eer te beurt viel "Oktober" te mogen regisseren. De opdracht tot "Oktober" werd gegeven vanwege de tiende verjaardag van de Oktoberrevolutie van 1917 en draaide onder directe controle van Stalin. Ook deze film werd een nationaal en internationaal succes. In 1929 stuurde Stalin Eisenstein naar het buitenland om daar intensief de net ontwikkelde geluidsfilm te bestuderen. Eisenstein reisde naar West-Europa en vervolgens op uitnodiging van Paramount Pictures door naar Hollywood voor een filmproductie. Vanwege onenigheid met deze filmmaatschappij vertrok Eisenstein echter zonder de film af te maken. In Mexico begon Eisenstein aan een gedramatiseerde documentaire getiteld "Que viva Mexico!". Doordat Eisenstein langer in Amerika bleef dan kennelijk de bedoeling was geweest, werd Stalin wantrouwend. Hij verdacht Eisenstein van desertie en heimelijke contacten met Lev Trotski, destijds staatsvijand nummer één. Eisenstein werd teruggeroepen vooraleer het werk was voltooid. Enkele geschoten scènes van "Bezjin-weide" (1937), met als thema de ware politieke geschiedenis van de dood van een jonge activist, brachten Stalin tot woede, waardoor ook dit project niet mocht worden voltooid. Stalin deed Eisenstein vervolgens het aanbod een andere film te maken, over de Novgorodse vorst Alexander Nevski. Deze later door de Russisch Orthodoxe kerk heilig verklaarde vorst had in de dertiende eeuw een veldslag tegen de Duisers gewonnen, hetgeen Stalin als voorbeeld van een onverschrokken leider goed van pas kwam, nu hij zelf de oorlog tegen Hitlerduitsland voorbereidde. Eisenstein kon dit aanbod niet weigeren zonder met ernstige gevolgen rekening te moeten houden en hij stemde dus in met Stalins voorstel. Er werd een toezichthouder aangesteld die Eisenstein nauwlettend in de gaten moest houden tijdens deze productie. Eisenstein werkte bij "Alexander Nevski" nauw samen met Sergej Prokofjev, die de filmmuziek schreef. Deze samenwerking resulteerde in een hechte vriendschap. Prokofjev vervulde deze rol ook bij "Ivan de Verschrikkelijke", waarin de hoofdpersoon als nationale held wordt uitgebeeld. Stalin had namelijk in de begin 40er jaren een aanwijzing gegeven over de noodzakelijkheid van het herstel van het ware historische beeld van tsaar Ivan IV. Stalin gaf het duo Eisenstein en Prokofjev opdracht voor deze nieuwe productie en verwachtte een meesterwerk in de geest van "Alexander Nevski". Eisenstein had echter zijn eigen opvatting over dit thema. De opnamen begonnen in 1943 in Kazachstan, ver van het front. In het eerste deel van de film toont Eisenstein de tsaar eerst als een jonge idealist, die de staat met vaste hand naar eenheid en macht leidt. Maar dan stelt Eisenstein de vraag of ieder middel geoorloofd is, om dit doel te bereiken. Hij laat de tsaar zich afvragen met welk recht hij oordeelt en terechtstelt. De in kleur opgenomen scène (deel II) van de dans van de Opritsjniki is een van de indrukwekkendste van de film. Tijdens een adembenemende, wilde en waanzinninge dans met felle kleuren en flitsende beelden op de stuwende muziek van Prokofjev, zit de tsaar temidden van deze door hemzelf in werking gezette wildheid geheel alleen. Eisenstein verklaarde later tegenover een vriend dat deze scène een parallel vormt met die van de met schuld beladen en zijn geweten onderzoekende "Boris Godoenov" (van Poesjkin). In feite deed Eisenstein hiermee een direct beroep op Stalin, wat een buitengemeen staaltje van durf was onder het dictatoriale regime. Het eerste deel van "Ivan de Verschrikkelijke" had Stalins instemming en hij kende er dan ook een Stalin-prijs aan toe. Het tweede deel van deze beoogde trilogie werd echter niet goedgekeurd door de buiten zichzelf geraakte Stalin die de parallellen had herkend. Het tweede deel werd daarom verboden en het al geschoten materiaal voor het derde deel werd in beslag genomen en vernietigd (alhoewel er enkele fragmenten bewaard zijn gebleven). Eisenstein werd onder druk gezet om zijn film te bewerken opdat deze wel aan de eisen zou voldoen. Of hij hieraan zou hebben toegegeven is onbekend, aangezien Eisenstein in de nacht van 11 februari 1948 op vijftigjarige leeftijd achter zijn schrijftafel aan een hartaanval overleed.

Filmografie


- Staking (1925)
- Pantserkruiser Potjomkin (1925)
- Oktober (1927)
- Storm over La Sarraz (1929, verloren geraakt)
- Oud en nieuw / De generale lijn (1929)
- Aardbeving in Oaxaca (1931)
- Que viva Mexico! (1931/32, niet voltooid)
- Bezjin-weide (1935/37, niet voltooid)
- Alexander Nevski (1938)
- Ferganakanaal (1939, niet voltooid)
- Ivan de Verschrikkelijke / deel I (1945)
- Ivan de Verschrikkelijke / deel II (1946/1958)
- Ivan de Verschrikkelijke / deel III (1946, niet voltooid en vernietigd) Eisen ja:セルゲイ・エイゼンシュテイン

1948

----

Gebeurtenissen


- In de Amerikaanse staat Californië wordt de Hell's Angels Motorcycle Club opgericht. Leden van het eerste uur waren vooral ex-soldaten die zich, ontgoocheld als ze waren, afkeerden van de burgerlijke normen en waarden. ;januari
- 26 - Sadamichi Hirasawa pleegt een overval op een bank in Tokio waarbij 12 bankbedienden met cyaankali vermoord worden
- 30 - Moord op Mahatma Gandhi ;februari
- Communistische, door de Sovjet-Unie gesteunde, staatsgreep in Tsjechoslowakije.
- 4 - Onafhankelijkheid Ceylon ;maart
- 10 - Tijdens een (zijwaartse) tewaterlating van een kustvaarder in het Winschoterdiep bij de Bodeweswerf kapseist het schip en komt een man om. ;april
- Begin van de blokkade van Berlijn: De Russen staan de westerse geallieerden niet toe West-Berlijn via Oost-Duits grondgebied te bevoorraden.
- 7 - Oprichting WHO (Wereld Gezondheids Organisatie). ;mei
- 14/15 - In de nacht van 14 op 15 mei werd in het Museum van Tel Aviv de nieuwe staat Israël uitgeroepen door David Ben Goerion, de eerste premier van het land. Einde van het Brits mandaat over Palestina op 15 mei.
- Eerste buitenlandse erkenning van de staat Israël door de Verenigde Staten onder president Harry Truman en vervolgens door de Sovjet-Unie onder Jozef Stalin.
- Egyptische luchtmacht bombardeert Tel Aviv en omgeving. Ook andere Arabische landen vallen Israël aan. Israël slaat snel terug. Begin van de eerste oorlog tussen diverse Arabische landen (waaronder Egypte, Syrië en Jordanië) en Israël.
- 28 Nederland koopt een vliegkampschip in Engeland, de Venerable. Het wordt omgedoopt tot Karel Doorman. ;juni
- 19 - De Sovjetmaatregelen worden verscherpt ter beperking van het verkeer tussen Oost- en West-Berlijn. Op grote schaal worden door de Amerikanen en later ook door de Britten vliegtuigen ingezet voor een luchtbrug naar de Westerse enclave. (Koude oorlog).
- 24 - (Nederland) - De politieke partij VVD wordt opgericht.
- 28 - In Tukai (Japan) zijn aardspleten, aardverschuivingen en modderuitbarstingen het gevolg van een aardbeving die veel schade aanricht. ;juli
- 29 - Opening van de Olympische Spelen in Londen, de eerste Spelen na de Tweede Wereldoorlog ;augustus
- 14 - Sluitingsceremonie van de Olympische Spelen in Londen. ;september
- 4 - Abdicatie van Wilhelmina en inauguratie van Juliana als Koningin der Nederlanden. ;november
- 5 - Een windhoos trekt toevallig precies over de windmeter op Vlieland: resultaat is een windstoot van 202 km/h, de hoogste windstoot ooit in Nederland gemeten. ;december
- 1 - President José Figueres Ferrer schaft het leger van Costa Rica af.
- 10 - Ondertekening van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens.
- Invoering van het systeem van Apartheid in Zuid-Afrika.
- Colombiaans presidentskandidaat Gaitán wordt vermoord. Start van bloedige onlusten.
- Stichting van Noord-Korea en Zuid-Korea.
- Barton bereikt met een diepzeekogel een diepte van 1360 meter

Geboren

;januari
- 2 - Leo Duyndam, Nederlands wielrenner
- 7 - Kenny Loggins, Amerikaans zanger
- 9 - Donald Fagen, Amerikaans muzikant van de groep Steely Dan
- 14 - Carl Weathers, Amerikaans acteur
- 16
  - John Carpenter, Amerikaans regisseur
  - Gregor Gysi, Duits politicus
- 17 - Mick Taylor, Brits muzikant in onder meer de band The Rolling Stones
- 19 - Frits Ritmeester, Nederlands radiopresentator, beter bekend als Frits Spits
- 23 - Anita Pointer, Amerikaans zangeres van de groep The Pointer Sisters
- 28 - Mikhail Baryshnikov, Russisch balletdanser
- 29 - Nelleke van der Krogt, Nederlands tv-presentatrice ;februari
- 4 - Alice Cooper, Amerikaans muzikant
- 5 - Elco Brinkman, Nederlands politicus (CDA) en voorzitter van het Algemeen Verbond Bouwbedrijven
- 14 - Wally Tax, Nederlands zanger en componist
- 19 - Pim Fortuyn, Nederlands politicus, hoogleraar en publicist
- 19 - Tony Iommi, Brits gitarist in de heavy-metalband Black Sabbath
- 23 - Sugar Lee Hooper, Nederlands zangeres
- 28 - Mercedes Ruehl, Amerikaans actrice
- 28 - Conny Braam, voorzitter Anti Apartheids Beweging Nederland. ;maart
- 4 - Shakin' Stevens, Brits zanger
- 5 - Eddy Grant, Brits zanger
- 5 - Jan van Beveren, Nederlands voetbalkeeper
- 9 - Jimmy Fadden, Amerikaans muzikant van de Nitty Gritty Dirt Band
- 11 - George Kooymans, Nederlands gitarist en zanger van de band Golden Earring
- 12 - James Taylor, Amerikaans zanger en tekstschrijver
- 19 - Martine Bijl, Nederlands zangeres en actrice
- 22 - Andrew Lloyd Webber, Brits musicus en componist
- 26 - Steven Tyler, Amerikaans zanger van de band Aerosmith
- 31 - Rhea Perlman, Amerikaans actrice ;april
- 1 - Jimmy Cliff, Jamaicaans reggaezanger
- 2 - Alfred Lagarde, Nederlands radiopresentator
- 3 - Jaap de Hoop Scheffer, Nederlands politicus, secretaris-generaal van de NAVO
- 3 - Carlos Salinas, Mexicaans president
- 4 - Abdullah Öcalan, leider van de Koerdische beweging in Turkije
- 19 - Boet van Dulmen, Nederlands motorcoureur
- 22 - Theo Mol, Nederlands wethouder van Winsum
- 26 - Stevie Nicks, Brits zangeres van de groep Fleetwood Mac
- 27 - Kate Pierson, Amerikaans zangeres in de groep The B-52's
- 28 - Ferry de Groot, Nederlands radiomaker, maakte samen met Andre van Duijn de Dik Voor Mekaar Show
- 30 - Perry King, Amerikaans acteur ;mei
- 5 - Bill Ward, Brits drummer in de band Black Sabbath
- 12 - Steve Winwood, Brits zanger en toetsenist
- 15 - Dario Baldan Bembo, Italiaans componist en zanger
- 18 - Linda van Dijck, Nederlands actrice
- 19 - Grace Jones, Brits-Jamaicaans fotomodel, zangeres en actrice
- 21 - Leo Sayer, Brits zanger
- 26 - Stevie Nicks, Brits zangeres in onder meer de band Fleetwood Mac
- 28 - Wil Hartog, Nederlands motorcoureur, won in 1980 de TT van Assen
- 28 - Alexander Sakkers, Nederlands politicus (VVD) en burgemeester van Eindhoven ;juni
- 19 - Phylicia Rashad, actrice]]
- 19 - Nick Drake, Brits zanger en songwriter
- 26 - Paul Severs, Vlaams zanger
- 28 - Kathy Bates, filmactrice
- 29 - Fred Grandy, Amerikaans acteur
- 30 - Kars Veling, Nederlands politicus (ChristenUnie) ;juli
- 14 - Josine van Dalsum, Nederlands actrice
- 18 - Cesar Zuiderwijk, Nederlands drummer in de band Golden Earring
- 21 - Cat Stevens, Brits zanger
- 27 - Henny Vrienten, Nederlands muzikant van onder meer de ban Doe Maar
- 30 - Jean Reno, Amerikaans acteur ;augustus
- 3 - Danny Fabry, Vlaams zanger
- 4 - Mark Verstraete, Vlaams acteur
- 8 - Hilbrand Nawijn, Nederlands politicus (LPF)
- 10 - Patti Austin, Amerikaans zangeres
- 13 - Kathleen Battle, Amerikaans sopraan
- 16 - Barry Hay, Nederlands zanger van de band Golden Earring
- 20 - Robert Plant, Brits zanger van de rockgroep Led Zeppelin
- 24 - Jean-Michel André Jarre, Frans synthesizerspeler
- 29 - Tara Singh Varma, Nederlands politicus (GroenLinks) ;september
- 2 - Christa McAuliffe, Amerikaans astronaute
- 19 - Jeremy Irons, Brits acteur
- 26 - Olivia Newton-John, Australisch zangeres en actrice
- 30 - Henk Spaan, Nederlands journalist en tv-programmamaker ;oktober
- 2 - Donna Karan, mode-ontwerpster
- 6 - Gerry Adams, leider van de Noord-Ierse partij Sinn Féin
- 8 - Johnny Ramone, Amerikaans muzikant van de rockband The Ramones
- 8 - Jack Spijkerman, Nederlands cabaretier, tv- en radiopresentator
- 9 - Jackson Browne, Amerikaans zanger en liedjesschrijver
- 15 - Chris de Burgh, Brits zanger
- 17 - Margot Kidder, Amerikaans actrice
- 20 - Piet-Hein Donner, Nederlands minister van justitie
- 22 - Levi Weemoedt, Nederlands schrijver
- 29 - Kate Jackson, Amerikaans actrice ;november
- 1 - Charles Picqué, Belgisch politicus
- 3 - Lulu, Brits zangeres
- 6 - Glenn Frey, Amerikaans zanger en gitarist in de rockgroep The Eagles
- 9 - Alan Gratzer, Amerikaans drummer in onder meer de band REO Speedwagon
- 14 - Prins Charles, Prins van Wales en Brits troonopvolger
- 16 - Arie Haan, Nederlands voetballer en voetbaltrainer
- 20 - Barbara Hendricks, Amerikaans sopraan
- 22 - Radomir Antic, Joegoslavisch voetballer en voetbaltrainer
- 23 - Hans Hoekman, Nederlands hoorspelacteur
- 27 - Dave Winthrop, Brits saxofonist in de rockgroep
Supertramp
- 28 - Been Birtles, gitarist de Australische popgroep
Little River Band
- 30 - Errol Alibux, Surinaams politicus ;december
- 1 - Errol Snijders, Surinaams politicus
- 3 - Ozzy Osbourne, Brits zanger van onder meer de rockgroep
Black Sabbath
- 6 - JoBeth Williams, Amerikaans actrice
- 6 - Keke Rosberg, Fins autocoureur
- 9 - Marleen Gorris, Nederlands regisseuse
- 9 - Jan Lenferink, Nederlands tv-presentator
- 10 - Ralph Vierra Tavares, Spaans zanger van de groep
Tavares
- 14 - Boudewijn Maria Ignatius Büch, Nederlands schrijver, broer van Menno Buch
- 20 - Alan Parsons, Brits musicus en producer
- 21 - Willem Vermeend, Nederlands politicus (PvdA), minister van Sociale Zaken en lid algemeen bestuur VNO-NCW
- 21 - Samuel L. Jackson, Amerikaans acteur
- 23 - Susan Lucci, Amerikaans actrice
- 27 - Gérard Depardieu, Frans acteur
- 31 - Donna Summer, Amerikaans zangeres ----

Overleden

;januari
- 30 - Mahatma Gandhi (78), Indiaas politicus
- 30 - Orville Wright (76), Amerikaans vliegtuigpionier ;maart
- 18 - Gerardus Huysmans (45), Nederlands politicus ;juli
- 5 - Petrus Josephus Mattheus Aalberse (77), Nederlands staatsman en katholiek-sociaal denker
- 23 - Marie Baron (40), Nederlands zwemster
- 23 - D.W. Griffith (73), Amerikaans filmregisseur ;september
- 6 - Gerrit Hendrik Kersten (66), Nederlands politicus, theoloog en predikant ;oktober
- 20 - Bert Sas (56), Nederlands militair attaché
- 21 - Koene Dirk Parmentier (44), Nederlands piloot bij de KLM
- 24 - Franz Lehár (78), Oostenrijks/Hongaars componist en dirigent
- 31 - Setske de Haan (58), Nederlands schrijfster (
Cissy van Marxveldt) ;november
- 21 - Béla Miklós von Dálnoki (58), Hongaars generaal en staatsman Categorie:1948 als:1948 ja:1948年 ko:1948년 ms:1948 simple:1948 th:พ.ศ. 2491


1947

__NOTOC__ ----

Gebeurtenissen


- Er woedt een grote storm op de zon.
- Het weer in Nederland is in 1947 bijzonder extreem. Het jaar begint met één van de strengste winters van de 20e eeuw, hoewel er midden in januari een tijdelijke dooi-aanval is, met een warmterecord van 17 graden boven nul in Limburg. Er wordt in deze winter ook een Elfstedentocht gehouden. De zomer begint al vroeg met zeer warme dagen in mei en houdt aan tot ver in september; de zomer van 1947 is de warmste zomer van de eeuw. ;maart
- 12 - President Harry S. Truman verklaart de Trumandoctrine: De Verenigde Staten zullen democratische landen helpen die bedreigd worden door een staatsgreep of burgeroorlog, in het bijzonder als deze communistisch van aard is.
- (India) - Louis Moutbatten, achterneef van de Britse koning George VI, treedt aan als laatste gouverneur van India. ;april
- 15 - (Nederland) - Oprichting van de Wereldomroep te Hilversum.
- 18 - De Britten brengen op het Duitse rotseiland Helgoland grote hoeveelheden uit de oorlog overgebleven springstof tot ontploffing. Operation Big Bang leidde echter niet tot de beoogde vernietiging van het strategisch gelegen eiland zelf. ;mei
- (India) - Het overleg over een onafhankelijk en verenigd India mislukt. Moslims en hindoes groeien steeds verder uit elkaar. Een teleurgestelde Mahatma Gandhi trekt zich terug uit het openbare leven.
- 18 - Simon van het Reve voltooit zijn roman De avonden. ;juni
- 5 - In een toespraak op de Harvard universiteit openbaart de Amerikaanse minister van buitenlandse zaken Marshall zijn plan om Europa er met Amerikaanse financiële hulp weer bovenop te helpen. ;augustus
- 15 - (India) - Het Verenigd Koninkrijk verlaat, gehaast, India en laat het land verdeeld achter. Het land wordt opgesplitst in het Islamitische Pakistan en het overwegend Hindoeïstische, maar seculiere India. De provincie Punjab wordt verdeeld en brandt. Tien miljoen mensen verlaten huis en haard om naar het land met merendeels geloofsgenoten te trekken. Tenminste een miljoen mensen komen om tijdens plunderingen en moordpartijen. ;oktober
- 14 - de Amerikaanse piloot Charles Elwood (Chuck) Yeager doorbreekt in een X-1 raket als eerste de geluidsbarrière.

Geboren

;januari
- 1 - Peter Lankhorst, Nederlands politicus (PPR, GroenLinks)
- 5 - Ted Lange, Amerikaans acteur
-